Een zouteloze bedoeling?!?!?!? NOT!!!!!!!!
Allereerst bedankt voor jullie lieve berichtjes en bezorgdheid die we mochten ontvangen na het nieuws over de aardbevingen in Lima. Ik hoorde net dat Raoul door zijn moeder om 3 uur in de nacht was wakker gebeld omdat ze het nieuws van Peru zag en bezorgd was, super lief! Maar wees niet ongerust, Paco zit op dit moment in La Paz, Bolivia en ik zit in San Pedro de Atacama, Chile en we maken het allebei bijzonder goed!!! Nu het nieuwe verhaaltje….
En weer konden we de bus in. Deze keer zal de bus ons over de grens van Peru naar Bolivia brengen. Omdat onze afkeer tegen busvervoer bij elke busreis kwadratisch toeneemt hebben we besloten ons zelf te trakteren op de beste plaatsen van de bus, twee keer een cama (vertaling: bed) in het onderste deel van de bus. De stoelen op de foto´s die de medewerkster ons toont zien er veelbelovend uit en bovendien kosten deze plaatsen slechts een paar stuivers meer, dus wat houdt ons tegen!? Eenmaal in de bus aangekomen zijn de stoelen nagenoeg hetzelfde als tijdens de eerdere busreizen. Als snel komt een jeugdig koppeltje voor ons in de bus zitten, gooien ze de stoelen naar achter en beginnen de tortelduifjes meteen al te kleffen, gatverdarrie, dat hebben wij weer. Gelukkig vallen ze snel in slaap zodat ik niet perongeluk een fles Inka Cola over ze heen gooi, liefde is mooi, maar 6 uur lang geklef voor je, dat is toch echt teveel van het goede. Het lijkt gebruikelijk te zijn savonds de bus niet te verwarmen, maar juist de airco op volle toeren te laten blazen. Hierdoor heb ik een paar uur na vertrek half bevroren voeten, slapen gaat er dus echt niet in zitten ben ik bang. Ja, ik weet dat ik eerder schreef dat onze ´problemen´ nogal luxeproblemen zijn en zwaar te verwaarlozen zijn bij de problemen van de bevolking in de Zuid-Amerikaanse landen. En ja, tot nu toe zit ik niet anders dan te klagen over een belachelijk klein probleem, maar ik heb gewoon echt een teringhekel gekregen aan die lange busreizen hier. Na 6,5 uur steunen, kreunen, muziek luisteren, pokeren op mijn ipod en voeten warmwrijven komen we aan in Puno, een Peruaans plaatsje vlak bij de grens. Hier kunnen we de bus verlaten om bijna 2 uur later weer in een andere bus te stappen die ons meeneemt naar Copacabana in Bolivia.
Een nieuwe bus, een nieuw land, weer nieuwe indrukken opdoen, een andere bevolking leren kennen, NICE! Vanaf Puno komt er verandering in mijn humeur, vanuit de koude bus hebben we namelijk vrijwel constant zicht op het prachtige Titicacameer. Dit meer ligt tussen Peru en Bolivia, heeft een afmeting van 230 km lengte bij 97 km breedte, ligt op bijna 4000 meter boven zeeniveau en is daarmee een van de hoogst gelegen meren ter wereld. De heerlijke ochtendzon schittert op het hemelsblauwe water. Dit zorgt ervoor dat ik mijn versteende tenen toch lijk te vergeten… De grensovergang zorgt voor geen problemen waardoor we binnen 30 minuten de grond van Peru kunnen verruilen voor Bolivia en dat is niet verkeerd! De mensen zijn vrolijker, zeuren niet constant aan je hoofd om geld los te peuteren, de sfeer is relaxter en bovendien kost alles een stuk minder dan in Ecuador en Peru, ook niet verkeerd op zo´n lange reis. Onze eindbestemming, Copacabana (niet te verwarren met het beroemde Braziliaanse Copacabana) is een klein en mooi stadje gelegen aan het Titicacameer en ligt gelukkig maar 8 km van de grensovergang. Wanneer we in Copacabana aankomen zien we vanuit de bus een weg vol staan met geparkeerde auto´s, taxi´s, bussen en vrachtwagens. Hiertussen loopt een heilige die wat water over de voertuigen sprenkelt. Het verbaast me dat hij alleen wat spettert en geen complete containers heilig water over de voertuigen stort aangezien de voertuigen met het roekeloze rijgedrag van hun chauffeurs flink wat extra goddelijke bescherming kunnen gebruiken.

Na een half uurtje rondstruinen en twee volle hotels te hebben bezocht komen we aan bij een hostel die gelukkig nog wel wat plaats heeft. De reis met de loeiende airco begint zijn doorwerking te krijgen, ik krijg steeds meer rillingen door mijn lijf en besluit even wat uren te slapen om te voorkomen dat we straks weer oponthoud hebben. Aan het eind van de middag gaan we bij een bank wat geld cashen en komen daar drie meisjes van de Incatrail tegen. Ze zijn van plan wat te eten. Paco en ik hebben net een half uur geleden het meest ranzige broodje kaas – tomaat ooit gegeten en besluiten voor een herkansing te gaan. Eerst sprinten we nog even naar de waterkant omdat de zon op het punt staat onder te gaan. Gelukkig zijn we net op tijd en zien we de zon in het Titicacameer zakken, een prachtig gezicht! Hierna eten en drinken we wat. Audrey vertelt over haar busreis, 6 uur lang zitten in een bus zonder ramen! Een paar dagen later hoor ik nog meer mensen over deze mythologische bus, die als een Vliegende Hollander de wegen rond het Titicacameer en vooral de inzittenden kwelt. Ik besluit wijzelijk mijn mond te houden over mijn busprobleempjes…. Toch voel ik me nog steeds niet lekker en besluit de uitnodiging om daarna nog wat te drinken in een kroegje met livemuziek af te slaan.






De volgende ochtend zijn we vroeg uit de veren. We ontbijten om 7 uur waarna we snel richting water gaan om een overtocht te regelen naar het eiland Isla del Sol. In Lima spraken we een Engels koppel die ons aanraadde een nacht op het eiland te verblijven om de unieke zonsop- en ondergang mee te maken. Op de boot ontmoeten we Carine en Tracy. Ze kennen elkaar van werk in Chili en hebben een paar weken vakantie. Carine blijkt in Zeist te zijn opgegroeid, dus nagenoeg om de hoek en Tracy ergens in de VS. De boot zet ons op het noorden van het eiland af. Het plan van Paco en mij is om van het noorden naar het zuiden te lopen, onderweg een aantal Incaruïnes te bezoeken en in het zuiden van het eiland een hostel te vinden om te crashen. Tot het uiterste noordelijke punt worden we vergezeld door de dames. Ze hebben helaas niet meer tijd omdat ze de boot terug vanaf het noorden hebben geboekt waardoor onze wegen zich na anderhalf uur scheiden. Het eiland is werkelijk adembenemend (ik weet dat ik dit woord teveel gebruik in mijn verhaaltjes, maar er is veel adembenemendheid in Zuid-Amerika, niks aan te doen…) Ondanks dat de paar boten naar het eiland zijn afgeladen met toeristen komen we onderweg niet veel andere mensen tegen. Het onwijs heldere blauwe water, de rotsen, de rust, de primitieve huisjes en mensjes, de heerlijke zon….wat is het hier gaaf! Er passeren flink wat uren voordat we op onze eindbestemming, het dorpje Yumani, aankomen. Hier plof ik lekker mijn bed in, zoveel uur halfziek rondlopen is toch wel vermoeiend. Half zes maakt Paco me wakker om wat bergopwaarts te gaan zodat we de zonsondergang kunnen zien. Ik voel me beroerd maar besluit toch maar mee te gaan, want de zonsondergang schijnt heel mooi te zijn. Boven aangekomen ontneemt een andere grote berg ons het zicht op de zonsondergang. Gelukkig is het ter plaatse van de zonsondergang ook bewolkt waardoor we de ondergang toch niet hadden kunnen zien, dit biedt een schrale troost. We lopen wat richting het midden van het dorpje en besluiten een eettentje op te zoeken. Net wanneer het donker is vinden we een door kaarsen verlicht restaurantje. Normaal gesproken is er vanaf 19 uur electriciteit op het eiland, maar vanavond dus even niet. Wat mensen in het restaurant zijn vergeten zaklantaarns mee te nemen en zullen flink wat moeite moeten doen om ongeschonden hun verblijfplaats te vinden. Na een goede nachtrust kunnen we de volgende ochtend om iets voor zeven vanaf het raam van onze hotelkamer de zonsopgang zien, super!
PRIJSVRAAG! Zoek “de verborgen Ramón” in 1 van de volgende foto´s, DUS NIET DE 1STE LAURENS :)! De eerste die in een comment het correcte antwoord geeft, wint een avond Hertog Jan zuipen bij hem thuis.









We nemen de boot terug naar Copacabana en regelen zo snel mogelijk een bus naar La Paz, de hoofstad van Bolivia. Na een uurtje buszitten wordt er wat Spaans door de bus geroepen waarna iedereen behalve twee oude vrouwtjes de bus verlaten. We hebben niet opgelet en besluiten maar lekker te blijven zitten. Even later wordt de bus op een volt gereden. We gaan blijkbaar varen, wat leuk! Een lullig buitenboordmotortje die aan het vlot bevestigd is brengt ons in langzaam tempo naar de overkant welke op een afstand van een paar honderd meter ligt. De overgang verloopt nogal schommelend, het houten vlot gaat op en neer door de golven en de veren van de bus zorgen voor een versterkt wiebelend gevoel in de bus. Paco en ik vinden het allemaal wel lachen, het oude vrouwtje daarentegen vindt het niks. Ze vraagt Paco of hij zijn gordijnen dicht wilt doen en vraagt me te zitten wanneer ik in de bus op en neer loop. In de bus is een jongetje zwaar onder de indruk van mijn Ipod. Ik laat hem wat death metal, digitale muziek en zigeuner jazz horen, hij vindt alles mooi, zolang hij maar naar de lettertjes en plaatjes op het scherm mag kijken. Een paar uur later rijden we via de buitenwijk El Alto´s La Paz binnen. Hier zien we twintig minuten pure armoede. Blijkbaar zien de bewoners van deze wijk niet vaak buitenlanders, we worden zwaaiend begroet, mensen staren ons na en roepen ons mister toe. We hebben onderweg besloten om in Hotel Milton te verblijven. Volgens de Lonely Planet zijn de kamers ingericht in disco jaren 70 stijl, dat klinkt wel geinig. Aangekomen moet je je best doen om wat van deze omschrijving terug te vinden, maar dat maakt niet uit, het is allemaal keurig verzorgd en ligt bovendien midden in het centrum. Nadat we savonds wat hebben gegeten komen we ineens Carine en Tracy tegen. Het is laat, maar de dames hebben nog niet gegeten, waardoor we weer een restaurant in gaan. Een tijd later gaat Paco richting bed en duiken we met z´n 3en een Boliviaanse tent in. Bij binnenkomst zijn we de enige buitenlanders wat alleen maar leuk is natuurlijk. Al snel komt er een dronken oude man op ons af die nogal onder de indruk is van het jonge blanke vlees. De dames zien deze aandacht niet echt zitten waarop ik de man zeg dat Carine mijn vrouw is en Tracy de vrouw is van mijn broer die net ziek naar het hotel is gegaan. De man blijkt een grappige gesprekspartner te zijn voor eventjes maar gaat na een tijd toch wat vervelen en irritant worden. Gelukkig zitten er nog wat andere leuke mensen bij ons aan tafel, namelijk een Boliviaans stelletje. Na wat gepraat belanden we allemaal op de dansvloer waar het stelletje ons verschillende Boliviaanse dansstijlen zoals de ´wrijf in je handen dans´ en de ´thaibo mep van je af dans´ leert. Erg vermakelijk! Na veel drank, slechte danspassen en dronken oude mannen praatjes verlaten we de tent.











De volgende dag spreken we samen met het Boliviaanse stelletje af om naar Coroico een mooi plaatsje even buiten La Paz te gaan. Omdat Paco en ik nog veel moeten regelen voor de volgende dag besluiten we al na 10 minuten afscheid te nemen. Carine en Tracy trekken de rest van de dag op met het stel. Paco en ik willen vandaag informeren naar een downhill mountainbike tocht. Tussen La Paz en Coroico ligt de World’s Most Dangerous Road. Per jaar verdwijnen gemiddeld 26 voertuigen over de wegkant, een afgrond van soms wel honderden meters diep. In 1983 heeft het grootste tragedie op die weg ooit plaatsgevonden, in dit jaar verdween een truck met daarin chauffeur en 100 passagiers de afgrond in. Gelukkig is er in 2003 een nieuwe weg geopend waardoor het gemotoriseerd verkeer op de oude weg van gravel, zand en stenen flink is afgenomen en daarmee ook het aantal dodelijke ongelukken. Het leuke van het verhaal is dat je een dagtour kan boeken om met een downhillbike 3345 meter in hoogte af te dalen. De gehele afstand is 65 km, waarvan 61 km downhill. Dit gaan we de dag erna dan ook doen. Samen met meer dan dertig andere deelnemers melden we ons vroeg in de ochtend bij het kantoor van Downhill Madness. Verdeeld in drie bussen worden we op een afstand van 64 km van het plaatsje Coroico afgezet. Helaas heeft de grote bus motorpech waardoor er met de kleinere busjes op en neer moet worden gereden wat anderhalf uur vertraging oplevert. Gelukkig zitten wij in de kleinere busjes, zodat we dik een uur hebben om de fietsen wat uit te testen. Hierna krijgen we instructies en kan het feest beginnen. Het eerste deel van de route fietsen we op de nieuwe weg, gemaakt van asfalt. De zwaartekracht doet bijna al het werk, op veel stukken ga je zo snel dat je niet bij kan trappen. Helaas komen we ook een paar kilometer uphill tegen en dat valt niet mee op een fiets waarbij je trapkracht voor een deel wordt geabsorbeerd door de flinke achter en vooral voorvering. Omdat we beginnen op een vlakke ondergrond kunnen we goed wennen aan de fietsen, wat natuurlijk wel fijn is. Wanneer we aankomen bij het oude stuk wordt de groep opgesplitst in vier kleinere groepen. Deze indeling geschiedt naar te rijden snelheid. Paco en ik zijn angstig voor de weg, willen dus zo snel mogelijk beneden zijn en besluiten daarom plaats te nemen in de snelste groep. Hierna volgt een constante adrenaline-explosie van een aantal uren. De weg gaat erg stijl naar beneden, het pad van 3.5 meter breed ligt vol met losse stenen, soms rijd je niet meer dan wat centimeters verwijderd van de afgrond en door het stof van je voorganger wordt je zicht zo nu en dan ook belemmerd. Resultaat hiervan is een super unieke ervaring! Wat gaaf is dit! Je vergeet vaak de hoogte en trapt flink wat bij om nog meer vaart te maken. Onderweg passeren we aardig wat kruizen en een monument van een Israelisch meisje die wat jaren geleden met haar fiets naar beneden is geklettert. Daar wordt je wel even stil van. Ik was van plan om onderweg weer een filmpje te maken. Helaas lukt het niet om de camera goed genoeg aan mijn fiets vast te tapen. Daarnaast lijkt het me niet zo´n goed plan om net zoals bij het motorrijden de camera in mijn hand te houden, want die grap zou me nu wel erg duur kunnen komen te staan. Onderweg gaan vijf mensen onderuit. Twee ervan zitten in onze groep. De eerste krijgt na een half uur een lekke voorband en kan daarom een bocht niet redden. Gelukkig valt hij niet de verkeerde kant op. Het tweede ongeluk gebeurt een half uur later. Wanneer we even stoppen om het aantal groepsleden te tellen missen we een Brit die net daarvoor van de tweede groep naar onze groep is geswitcht. Onze gids neemt contact op met de andere gidsen en vraagt om zijn toestand. Het is allemaal ok. De gids grapt op zogenaamd bezorgde toon of de Brit naar beneden is gevallen, waarop een niet oplettende vriend van hem in paniek schiet. Hierdoor heeft iedereen zijn kop er weer bij en kunnen we de trip hervatten. Na een aantal uren fietsen komen we aan in het plaatsje Coroico, wat 3000 meter lager ligt dan het beginpunt, waar we wat wel verdiende biertjes wegslaan. Hierna gaan we met de busjes naar een hotel waar we eten en gebruik kunnen maken van douche/zwembad/sauna. Om 11 uur savonds komen we weer aan in La Paz waar we genieten van een heerlijke nachtrust.










De volgende dag bezoeken we het een en ander in La Paz en nemen we aan het eind van de middag de bus naar Sucre. De rit duurt een halve dag, waardoor we sochtends om 8 uur inchecken in het Grand Hotel. Hier hebben we voor 20 dollar een kamer met eigen salonkamer en uiteraard prive badkamer, lekker luxe voor een keer. Het stadje zelf is erg mooi, maar eigenlijk hetzelfde als Cuenca en wat andere steden die we eerder bezocht hebben.






Omdat we stadjes zoals Sucre dus al vaker hebben gezien besluiten we zo snel mogelijk naar Uyuni te gaan vanuit waar we een Jeep tour willen doen over de Zoutvlaktes. Er zijn maar twee bedrijven die een busrit naar Uyuni aanbieden. Het bedrijf Emperador belooft een directe bus waardoor we besluiten bij hen een ticket te kopen. De bus zou alleen even kort stoppen in Potosi en we hoefden niet van bus te ruilen. Valt dat even tegen……in Potosi moeten we wel van bus wisselen en kunnen we bovendien 3 uur wachten waardoor we pas na 1 uur snachts in Uyuni zullen aankomen. Wat een k*tzooi weer. Uiteraard worden we bij het kantoor van Mentirador boos, wat natuurlijk niks veranderd aan de situatie. De manier van zaken doen in Bolivia beginnen we goed zat te worden. Het voordeel is dat we nu wel tijd hebben om een restaurant op te zoeken en wat lekkers te eten. Potosi was tijdens het eind van de 18e eeuw het rijkste en welvarendste stadje in geheel Latijns Amerika. Dit komt omdat dit stadje leefde van de nabij gelegen zilver mijnen. Door deze oude welvaart ziet het stadje er bijzonder mooi uit, vol met koloniale gebouwen, kerken en monumenten. Nu de negatieve kant van het verhaal. In de lange beginperiode van de zilverwinning werden alle Indiaanse en Afrikaanse slaven boven de 18 jaar gedwongen om in 12 uur shifts in de mijnen te werken. Voor perioden van wel vier maanden moesten ze onder de grond blijven en konden ze geen zonlicht zien. In iets minder dan 300 jaar tijd overleden zo´n 8 miljoen slaven in deze mijnen….een trieste historie van een mooi ogend stadje. Na het overstappen op een andere bus volgt een constante hobbelweg van zes uur lang. Omdat het donker is zie ik de ondergrond niet, maar het lijkt alsof de stinkende bus over grote knikkers rijdt. Gelukkig is de chauffeur deze ondergrond gewend en geeft hij flink gas. Laat in de nacht komen in Uyuni aan en nemen we een taxi naar Hotel Kory Wasy. De Lonely Planet omschrijft dit hotel als zonnig en stijvol hotel. Weer klopt deze beschrijving voor geen meter. We belanden in een rot kamertje met twee bedden met vieze dekens en onze prive badkamer blijkt net ´aangelegd´ te zijn. Midden in het plafond van de badkamer hangt een electrische douchekop. Door het kleine oppervlakte van de badkamer (2 m2) komt het douchewater dus in de wasbak, wc en prullenbak terecht. Dat is natuurlijk best handig! Op deze manier kan je namelijk tijdens het douchen een bruine trui breien en je tanden poetsen. Multitasking, daar hebben die Bolivianen wel gevoel voor !
De volgende dag gaan we op zoek naar een Jeep-tour. In Uyuni zitten 65 bedrijven die een dergelijke tour aanbieden. Na veel geïnformeer blijkt dat twee bedrijven de eerste nacht een overnachting in een zouthotel aanbieden waardoor je niet in een plaatsje twee uur ten zuiden van de zoutvlakte van Uyuni overnacht. Hierdoor kan je meer tijd doorbrengen op de zoutvlakte van Uyuni. Bovendien zal je bij deze twee bedrijven de zonsopkomst en zonsondergang op de zoutvlakte zien, iets wat bij de andere bedrijven niet in het programma zit omdat deze bedrijven tijdens de zonsondergang en zonsopgang al de zoutvlakte van Uyuni gepasseerd zijn. Helaas zit de tour voor de volgende dag al vol waardoor we de tour voor een dag later boeken. ´s Avonds eten we wat bij een pizzeria. Net nadat we de pizza hebben gekregen komt een man uitgerust in traditionele kleding en gewapend met een fluit het restaurant binnen zetten. Hij doet zijn gewaad uit en begint fluitend en stampend door de toko te razen. Dit klinkt allemaal heel aardig, maar helaas is de beste vent niet in staat wat zuivere noten te spelen. Ik zou hem flink willen betalen om zo snel mogelijk op te donderen, maar ja, zo werkt het natuurlijk niet. Gelukkig kan de man zijn eigen spel na tien minuten niet meer aanhoren, gaat hij rond met de pet en trekt hij weer de duistere nacht in…. De volgende dag doen we niet veel. Wanneer we wat rondlopen door het dorpje zien we ineens een oude Toyota Landcruiser staan met Nederlandse kentekenplaat. Naast de auto is een man bezig zijn schoenen te repareren. We zijn geïnteresseerd naar het verhaal achter deze verschijning en krijgen te horen dat het koppel Coen en Karin-Marijke al vanaf 2003 aan het rondtrekken is in de auto. Ze zijn eerst richting Azië gegaan waarna Zuid-Amerika aan de beurt was. In totaal zijn ze dus al meer dan vier jaar onderweg, een indrukwekkend verhaal. (voor geïnteresseerden: check http://www.landcruising.nl) Voor het avondeten bezoeken we een andere pizzeria, krijgen in plaats van de bestelde pizza met champignons en groente een pizza met alleen maar kaas, krijgen in het restaurant een muzikale traktatie van dezelfde fluitspeler als de dag ervoor…..ik heb het echt helemaal gehad met Uyuni….
De dag erna is het dan zover, we gaan de zoutvlakte op! De touragency hanteert uiteraard Boliviaanse tijd waardoor we een half later dan afgesproken een Toyota Landcruiser in kunnen stappen. De auto kent een chauffeur- en bijrijderstoel voorin met daarachter twee banken waarop zes passagiers passen. Naast ons gaan met de tour mee; Owen en Gaynor, een koppeltje uit Wales, Andre, een Canadees en Shatiya, een Amerikaanse. De chauffeur komt gedurende het eerste deel van de dag nogal chagrijnig en ongeïnteresseerd over. Gelukkig verandert dat in de loop van de drie dagen. Als eerste staat het bezoek aan de Train Cementary op de agenda. Even buiten Uyuni ligt een stuk grond waar een flink aantal oude stoomlocomotieven hun laatste rustplaats hebben gevonden. De wielen van de stalen reuzen hebben zich half begraven in een massa zand en de zware geraamtes worden getrakteerd op een heerlijke Boliviaanse zon, stralend vanuit een prachtig blauwe hemel. Paco en ik moeten bij dit aanzicht direct aan onze opa van vaderskant denken, een onwijs lieve man die ons altijd wist te vermaken met spannende indianenverhalen. Hij had een grote collectie aan miniatuur treinen en bezocht graag treinbeurzen in Nederland. Jammer dat hij vele jaren geleden overleden is, want ik had maar al te graag foto’s van deze oude treinen laten zien. Na twintig minuten rondlopen duiken we weer de jeep in en gaan we richting de zoutvlakte van Uyuni. Onderweg halen we Lydia op die voor ons de komende dagen gaat koken. Gelukkig komt ze vriendelijk over wat er voor zorgt dat de chauffeur zich ook iets gezellig gaat gedragen. Al vrij snel naderen we een gigantische witte vlakte wat een bizar beeld oplevert. Het zout oogt namelijk als sneeuw en dit gecombineerd met het droge Zuid-Amerikaanse landschap toont nogal vreemd. Na het maken van veel foto’s zetten we de tour voort naar Isla de los Pescadores. Dit is een eiland die van afstand de vorm heeft van een liggende vis. (vandaar de naam) We beklimmen de top van dit eiland vol met caktussen vanuit waar we een prachtig zicht hebben. Rondom alleen maar zout en bergen, gaaf! De eerste nacht slapen we in een zouthotel. De muren, vloeren, stoelen en tafels in het hotel zijn gemaakt van blokken zout. Om het testen neem ik een grote lik van een van de muren…verekt, het klopt! Nadat ik de muur af heb gelebberd sta ik ineens stil bij het idee dat misschien iemand anders me voor is geweest en ik het speeksel van een andere backpacker op heb zitten likken, hopelijk niet. Volgens mij heb ik al eerder verteld dat men in Zuid-Amerika vrijwel geen tweelingen kent. Het woord gemelos kennen ze wel, maar vele hebben nog nooit een tweeling gezien, laat staan een eeneiige tweeling. De dames van het zouthotel vinden het blijkbaar nogal bijzonder, staren Paco en mij constant aan en reageren lachend en verlegen wanneer we met ze praten, erg grappig. Iedereen gaat vroeg naar bed. Ik heb nog geen slaap en ga nog een uurtje buiten zitten. Luisterend naar de cd van Jose González geniet ik van de onwijs heldere hemel. De Melkweg is zichtbaar en ik zie vier vallende sterren. Ik besluit niet te hebberig te zijn en doe maar één wens in de hoop dat deze bescheidenheid beloond wordt door middel van het uitkomen van mijn wens. Met een goed gevoel ga ik mijn koude zoutbedje in en val al snel in slaap.



















De volgende dag gaan we er om 6 uur uit om de zonsopkomst mee te maken. De zonsondergang van de avond ervoor viel wat tegen, de zonsopgang is gelukkig beter! Het is koud buiten, vooral wanneer je net uit je warme bedje komt, vandaar dat we al snel naar binnen gaan. Paco heeft meer geduld en blijft een kwartier langer buiten en vertelt ons bij binnenkomst dat we het mooiste deel van de zonsopkomst hebben gemist. Dat is even dom, maar ja, de warme thee in mijn buik voelt goed genoeg om die opmerking snel weer te vergeten. De tweede dag van de trip bezoeken we vijf meren waarvan de eerste twee bewoond worden door flamingo’s. Deze vogels zijn op de bovenkant van het lichaam roze gekleurd op de onderkant zwart, hebben lange dunne poten en vliegen heel langzaam en krachtig. Af en toe steken ze hun koppen in het ijskoude water om wat te eten te pakken, wat een gekke vogels! De meren zijn prachtig, maar na de derde vind ik ze allemaal maar op elkaar lijken. Gelukkig stopt de jeep niet bij alle meren en bezoeken we een paar uur later de ’�?rbol de Piedra’. (vertaling: boom van steen) Vele jaren lang heeft de wind stukjes steen van de onderkant van het geheel afgesnoept waardoor de steen een nogal merkwaardige boomvorm heeft. Uiteindelijk zal de onderkant zo dun zijn dat de steen omvalt, maar dat zal nog vele jaren duren. Deze avond slapen we niet in een zouthotel, maar in koude schuur. Wanneer we hier aankomen zien we een gemeenschappelijke ruimte met een kleine houtkachel en drie koude slaapkamers met elk zes bedden er in. De kamers zijn nu al koud, laat staan midden in de nacht. Aangezien de meest aangename techniek om je lichaam warm te houden het drinken van alcohol is besluiten we een paar barakken verder de bierkast leeg te kopen. Uiteraard gaat het drinken weer gepaard met kaarten. Vanavond wordt er geblackjackt en gebullshit. Tijdens een nachtelijke plaspauze in de buitenlucht komen we een stuk massief hout tegen. Onze kachel wilt het niet echt goed doen dus we besluiten het blok hout in de kachel te proppen. Een uur later komt een Boliviaanse vrouw binnen, ziet het blok in de kachel en pakt ze het met haar handen uit het vuur. Het blok blijkt gebruikt te worden om achter de banden van de jeeps te steken als extra rem……foutje, bedankt. Niemand heeft zin om in de koude slaapkamers te gaan slapen waardoor het flink wat later wordt dan de avond ervoor. Shatiya heeft geen slaapzak meegenomen en klaagt dat ze het koud gaat hebben die avond. Ze ziet er met haar bruine huid ook niet echt als een doorgewinterde noordeling uit. Omdat ik medelijden met haar heb bied ik haar aan die nacht wat lichaamswarmte te delen. Het resultaat hiervan is dat ik in een veels te klein bedje slaap en niet meer dan een uur echt slaap…..maar ik heb het deze nacht iig niet koud, dat scheelt!









De volgende dag worden we om 5 uur gewekt. De kachel wordt weer warm gestookt, we ontbijten wat en rijden de nog donkere ochtend in. Onze chauffeur ziet zijn werk als een sport, elke keer wanneer er een andere jeep in zicht komt neemt hij een shortcut en zet hij een extra tandje bij om zijn voorganger te passeren. Omdat de beste man erg goed kan rijden levert dit geen gevaarlijke momenten op en genieten we mee van zijn overwinningen. Net na zonsopkomst arriveren we bij de geisers. Een groot oppervlak is gevuld met kokende modderpoelen, stoom spuitende gaten in de grond en kleine heuveltjes. Deze elementen, gecombineerd met de zonsopkomst, zorgen voor een indrukwekkende plaat. Tijdens een korte wandeling tussen het stoom maken we voor mij persoonlijk de gaafste foto tot nu van de trip, de Paco=Jezus foto. Toch moeten we bij het rondlopen wat oppassen, het water heeft een temperatuur van 100 graden Celcius en de gids vertelt dat er elk jaar een aantal toeristen in de modderpoelen verdwijnen. Een warm modderbad schijnt gezond te zijn, dit is natuurlijk teveel van het goede. Twintig minuten later stappen we weer in de auto en gaan we naar een locatie waar we allemaal naar uitkijken; de Termas de Polques (hot springs) . Een beetje klungelig gebruiken we een handdoek om in de buitenlucht onder het zicht van vele toeristen de zwembroek aan te trekken. Andre, de merkwaardige maar vooral grappige Canadees doet niet zo moeilijk. Hij trekt zijn kleren uit, staat even zonder te blozen met zijn plassert bloot en trekt rustig zijn zwembroek aan. Daar kan de jonge generatie nog wat van leren! Na een half uur chillen in het heerlijke water trekken we de kleren weer aan en bezoeken we de laatste meren van de tocht. Aangekomen bij het laatste meer doet de chauffeur zijn overall aan en begint hij de voorkant van de jeep op te krikken…..aiaiai, dat belooft weinig goeds. Vooral wanneer hij de linker voorwiel in opgekrikte positie alle kanten op kan bewegen denken we even voor een nacht te moeten stranden. Omdat de reparatie aardig wat tijd gaat lijken te kosten zorgt de chauffeur ervoor dat Shatiya en ik met een andere jeep mee mogen reizen zodat we nog op tijd in Chili aankomen. Tijd om afscheid te nemen van de groep dus. Omdat ik gewend ben om met Paco te reizen omhels ik iedereen behalve Paco. Wanneer hij me hier terecht op aanspreekt volgt een kort moment van schaamte en geven we elkaar een hele uitgebreide Weekenstroo rugklop! Best raar, om nu even zonder elkaar te reizen. Paco gaat deze avond naar La Paz. Vanaf hier vliegt hij een aantal dagen later naar Quito waar hij weer zijn lieve Linda gaat zien. Ik heb 11 dagen om naar Santiago te komen. Ik reis waarschijnlijk via Salta en Mendoza, Argentinië, naar Santiago, Chili. Vanuit Santiago waar ik vlieg naar Guayaquil. Hier gaan Paco en Linda tegen die tijd ook heen, hebben we gezamelijk een weekend bij de familie waarna we naar de Galapagos gaan! SYKED!!!!!!!!















October 20th, 2008 at 7:24 pm
Heel mooi verhaal en zeer mooie foto’s!! Schitterend continent Zuid Amerika!!!
August 27th, 2007 at 12:05 pm
Ola!
Wat een gaaf verhaal weer zeg! en de foto’s/filmpjes zijn ook cool.
Nu krijg ik ook zin om op reis te gaan…
Ben ook erg benieuwd naar de foto’s op de Galapagos!
Have fun!
x Jose
August 22nd, 2007 at 9:40 pm
Er toffe foto’s jongens! Ik had eigenlijk nog wel wat action pics verwacht van Ramón’s niet zo koude nacht, maar dat komt later wel. Ht ziet er iig allemaal echt super mooi uit! Geniet nog van de komende weken,
gr. Rob
August 22nd, 2007 at 9:29 pm
Dag heren,
Wat een SCHITTERENDE foto’s. Sommigen deden gewoon denken aan schilderijen van Dali. Die horen in posterformaat aan de muur.
Ooh ja, niet onbelangrijk. Mijn scriptie is klaar! Weg met dat %#@%@# ding. Lang leve de Baileys en Mary Jane!
Het beste!
August 21st, 2007 at 5:14 pm
Geweldige plaatjes heren, goed verhaal ! ziet er goed uit allemaal.
Veel plezier nog daaro
ps. Ik had je ook gevonden ramon, kom maar op met die hertog hahaha !
August 20th, 2007 at 3:32 pm
ERRRGG cool broeders. Zwaar coole foto’s! Jullie hebben het goed voorelkaar met dat gereis maaaaar niet zeuren over die lange reizen verwende knapen. 6 uur is niets! Hier is het minimaal 7.5 en soms 11 uur
Groet,
Bart
August 18th, 2007 at 5:23 pm
Wat een stoere verhalen weer en prachtige foto’s. Ik stel voor dat er een luisterboek gemaakt wordt van de verhalen, met diapresentatie natuurlijk.
Wij hebben ook nog wat sightseeing gedaan, Volendam, jawel dat hebben ze niet daaro… hmmm tja. Ik ga ook maar eens sparen denk ik.
nog veel plezier, en ook jij natuurlijk linda!
X
Annabelle en brotha from tha same motha
August 18th, 2007 at 3:29 pm
Mooi verhaal weer apies,
Lin, geef die jongens ff een dikke knuffel van me en ga er super van genieten!
(Ramon, je weet dat de vetste trip van het jaar nog moet komen!
Are you ready to spread panic on the streets of London?)
gr.
de Piet
August 18th, 2007 at 3:14 pm
LAURENS,
zodra ik terug ben gaan we een Hertog-Jan date maken!!! ZIN IN!!!!
August 18th, 2007 at 2:01 pm
Jippie nog 1 nachtje en dan ga ik ook!
Gaaf verhaal weer, maar super gaaf dat ik zometeen er ook in voor kom
Goede reis allemaal!
X Linda
August 17th, 2007 at 8:42 pm
dammmm ik heb het joch gevonden
4 e foto
1/3 van rechts en dan halverweegte in de hoogte richting zie je zn hoofd tussen de stenen uitkomen
wat een mens allemaal er voor doet
August 17th, 2007 at 8:24 pm
Wat een gave foto’s en leuke verhalen!
Heerlijk om te lezen en te zien….en het gaat gewoon NOG mooier worden.
Is echt een goed idee om een boek ervan te maken.
Succes nog verder, sjane
August 17th, 2007 at 11:22 am
Ik zag ramon direct in de eerste foto,
zet maar koud die hertogen
maar, damm
tijd voor een fotoboek uitgave van deze reis!
August 17th, 2007 at 4:47 am
Hey guys!
Your trip looks fabulous, I love the pictures. I wish I could have done more in Peru and Bolivia.
I can’t wait for more pictures!
Happy Travels
Meagan (Ecuador)
August 17th, 2007 at 3:45 am
En una sola palabra, EXCELENTE! Juan Semanaypaja se siente muy orgulloso de sus muchachos!
Old Chap